Copyright: JW Kaldenbach
Luchtballon van 
Het Nieuwe Instituut loopt gesubsidieerd leeg (deel 3)
Op 4 juni 2020 verscheen het advies over de ‘Culturele Basisinfrastructuur (BIS) 2021-2024’ waarin door commissies van de Raad voor Cultuur de langjarige subsidieaanvragen worden behandeld van onder meer Het Nieuwe Instituut (HNI). Architect Kees van der Hoeven heeft dat nieuwe BIS-advies nader bestudeerd en voorziet die hier in een artikel bestaande uit drie delen van commentaar.

In het eerste deel behandelt hij de geleverde prestaties zoals de bezoekcijfers van het HNI, in het tweede deel blikt hij terug op het beleid van de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht van HNI in de afgelopen jaren. In het derde deel bespreekt hij ook de eerdere BIS-adviezen en hij doet afsluitend suggesties voor de toekomst van HNI.
De vierjaarlijkse HNI-beoordeling door de Raad voor Cultuur
Nu de eerste adviezen over de cultuursubsidies in het kader van de BIS 2021-2024 recent werden gepubliceerd, lijkt het goed om ook de voorgaande beoordelingsrondes nog eens te herlezen. Wat dan als eerste opvalt is het gebrek aan onderlinge consistentie in die beoordelingen. De toetsende clubjes zijn steeds wisselend van samenstelling en zij beoordelen de aangeleverde beleidsplannen in een peer review, dat wil zeggen een collegiale toetsing door prominente ‘gelijken’. Telkens weer blijkt dat er zich geen werkelijk belangrijke collega’s meer voor die toetsing beschikbaar stellen, vandaar dat ook hier de aangestelde toetsgroepen veelal uit minder prominent deskundige personen bestaan.
Commissie 1 - BIS 2013-2016
Deze beoordelingscommissie Creatieve Industrie is samengesteld uit Kirsten Algera, Maarten Schmitt, Taco Stolk en Anna Vos, onder het voorzitterschap van Peter Schrurs. 1 Alle begin is moeilijk en dat is ook wel begrijpelijk want Het Nieuwe Instituut (HNI) start pas in 2013 als fusieorganisatie (toen nog NIADEC genaamd). Over de kwaliteit zegt de commissie: “Het beleidsplan biedt onvoldoende houvast, in de vorm van concrete beleidsvoornemens, en slaagt er niet in duidelijk te maken wat de meerwaarde is van de samenvoeging van het NAi, Premsela en Virtueel Platform.” De commissie heeft er wel vertrouwen in dat de fusie een meerwaarde kan opleveren, “mits de drie instellingen een gezamenlijke visie formuleren op de toekomstige functie van het sectorinstituut voor de Creatieve Industrie.”

Er wordt vooral de nadruk gelegd op het stimuleren van onderzoek, met name voor wat betreft de thema’s ‘Experiment’, ‘Toepassing’ en ‘Implementatie’, maar let wel: “Het is uiteraard niet de bedoeling dat het sectorinstituut de functie van een laboratorium op zich neemt.” Verder wordt gevraagd om een visie op het Publieksbereik, het Cultureel Ondernemerschap, de Educatie, het (Inter)nationale belang en de Talentontwikkeling. Kennelijk is het HNI onder leiding van Guus Beumer later gelukt om de commissie te overtuigen want er wordt alsnog een subsidiebedrag van € 7.810.000,- per jaar ter beschikking gesteld. Het sectorinstituut Creatieve Industrie is geboren.
Commissie 2 - BIS 2017-2020
Een nieuwe beoordelingscommissie Creatieve Industrie treedt aan. Met als leden Arzu Ayikgezmez, Jeroen van den Eijnde en Anne Hoogewoning, met als adviseurs Jorn Konijn en Coby Zandbergen-de Zeeuw, en dit alles onder voorzitter Noud Faes. 2 Het oordeel over de geleverde prestaties en het nieuwe beleidsplan is niet mals. De commissie “vindt over het geheel genomen de resultaten van HNI te mager. HNI trekt verhoudingsgewijs weinig bezoekers en veroorzaakt nauwelijks discours.” Verder komt ook mijn actie n.a.v. de Governance Code Cultuur aan de orde waarop de commissie toch een reflectie had verwacht. En ze maakt zich “vanwege deze signalen en de gebrekkige verankering van de interne en externe kwaliteitszorg ernstige zorgen over de governance en het bestuur.”

Verder vinden de toetsers dat HNI zijn potentie om kwalitatief hoogwaardige exposities te organiseren ‘onvoldoende benut’, dat de samenwerking en afstemming met relevante professionele par
HNI moet “gelet op de functie en de omvang van het instituut, zeker in staat zijn om op jaarbasis 100.000 betalende bezoekers te trekken.”
tijen uit het veld ‘tekort schiet’ en dat het internationale palet aan activiteiten is ‘verschraald’. Een ‘ambitieus educatie en participatieprogramma’ ontbreekt en de door HNI geambieerde 50.000 betalende bezoekers vinden ze ‘te mager’. HNI moet “gelet op de functie en de omvang van het instituut, zeker in staat zijn om op jaarbasis 100.000 betalende bezoekers te trekken.” Ze noemen vervolgens ter illustratie vergelijkbare instituten als EYE (265.000), Beeld en Geluid (267.000) en de nabijgelegen Kunsthal in Rotterdam (met 252.000 betalende bezoekers).

Kortom, op alle fronten een vernietigend oordeel. Nog los van het direct afschieten van het idee om op de twee lege kantoorverdiepingen een hotel-restaurant te beginnen, en de snijdende slotopmerking dat “de aanstelling van een zakelijk directeur naast de artistiek-inhoudelijk directeur […] niet automatisch tot een verbetering van de kwaliteit van de activiteiten en het toezicht leidt.”

De commissie adviseert dan ook om HNI geen fondsen uit de cultuurbegroting te verstrekken. Maar ook toen is er kennelijk weer eindeloos heen en weer gepraat en geschreven, want er wordt tenslotte toch een subsidie van € 5.640.000,- per jaar verleend. HNI kan wederom vier jaar door.
Commissie 3 - BIS 2021-2024
De toetsingscommissie Ontwerp (de vroegere kapstok Creatieve Industrie is blijkbaar geschrapt) bestaat ditmaal uit Bart Ahsmann, JaapJan Berg, Janice Deul, Manon Pattynama, Stephan Petermann en Martine Zoeteman, onder het voorzitterschap van Marieke Schoenmakers. 3

Constateerde ik eerder dat er kennelijk geen prominente peers meer te vinden zijn voor dit type beoordelingen, nu bleek het zelfs niet eens meer mogelijk om een clubje samen te stellen waarvan de leden niet eerder betrokken waren bij de inhoudelijke programmering van de subsidieaanvrager.

Zowel JaapJan Berg als Martine Zoeteman waren jarenlang werkzaam als (assistent)curator bij het NAi, en Stephan Petermann was zelfs bij verschillende recente projecten betrokken. Als curator bij HNI in 2015 voor Wat is Nederland, in 2017 als deelnemer aan het Ministerie van Ruimtelijke Zaken, en nog in 2018 leverde hij bijdragen aan de HNI-projecten Splendid Isolation en Automated Landscapes.

Je begrijpt die keuze voor een deel van hen dus niet. Nu ja, je begrijpt wel meer niet in deze gesubsidieerde cultuurwereld. Was de eerste Governance Code Cultuur 4 nog gericht op ‘het vermijden van élke vorm van belangenverstrengeling’, in 2019 werd de code vernieuwd 5. Nu staat er direct onder het kopje ‘Belangenverstrengeling’ vermeld: “Belangenverstrengeling is een situatie waarin een bestuurder of toezichthouder (of hier een beoordelaar – KvdH) meerdere belangen of functies heeft die elkaar raken. Belangenverstrengeling kan voor culturele organisaties nuttig en zelfs nodig zijn, bijvoorbeeld in het kader van de fondsenwerving door bestuurders of de netwerkfuncties van toezichthouders (in ons geval beoordelaars - KvdH).” En fondsen zijn ook hier het doel, nietwaar?
Het advies van Commissie 3
Terug naar de inhoud. Sinds 2020 vallen de activiteiten met betrekking tot de eigen collectie van HNI onder de Erfgoedwet, en daarom bespreekt Commissie 3 in dit advies alleen de subsidie voor de ‘ondersteunende taken’ in het kader van de Basisinfrastructuur (het betreft € 1.625.000,-/jaar).

Ze zijn kennelijk tevreden met het ingediende plan, want ze stellen voor de gevraagde subsidie toe te kennen. Mits HNI nog een uitgewerkt activiteitenplan indient, met daarin aandacht voor de wijze waarop de ontwerpsector daarbij betrokken wordt. Mits de erfgoedactiviteiten worden geëvalueerd, en mits HNI: “Voor 2021 een stappenplan presenteert waarin zij uiteenzet hoe zij haar doelen met betrekking tot de toepassing van de Code Diversiteit en Inclusie gaat realiseren.”

Helaas lezen we in dit advies niets over de sterk achterblijvende bezoekcijfers van HNI (Commissie 2 eiste op jaarbasis minimaal 100.000 bezoekers) of over de beschamende kwaliteit van de HNI-exposities (Commissie 2 vond die potentie onvoldoende benut). Niets over het opgeklopte en steeds beter betaalde ‘waterhoofd’ van de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht en niets over het al jarenlang ontbreken van een heldere educatieve expositie uit de eigen architectuurcollectie.

Wel bespreken ze de cryptisch gestelde doelstelling van HNI om “een antropocentrische omgang met de aarde en integraal ontwerpen met aandacht voor ecologische belangen” te ‘agenderen’. Of ze herhalen een andere omfloerste HNI-tekst: “HNI ontwikkelt vanuit een ecologisch perspectief […] een nieuw instrument dat zij Zoöp noemt. Met dit instrument kan de waarde van een ecosysteem zichtbaar worden gemaakt door er een stem (en juridische status) aan te geven in besluitvormings- en ontwerpprocessen.” Nu ja, deze Commissie 3 vindt het allemaal prachtig…
De tentoonstelling Neuhaus in Het Nieuwe Instituut
Als voorbeeld: project ‘NeuHaus’
Zo te lezen wordt het sectorinstituut HNI (voor architectuur, design en e-cultuur) dus omgevormd tot een ecologisch laboratorium. Wij herinneren ons nog het heldere advies van Commissie 1: “Het is uiteraard niet de bedoeling dat het sectorinstituut de functie van een laboratorium op zich neemt.”

Het met veel bombarie aangekondigde project NeuHaus moge als voorbeeld dienen van dit HNI-beleid. Voor de inrichting van dit project ter gelegenheid van het eeuwfeest van het Bauhaus ging HNI in 2019 zelfs twee maanden dicht voor bezoekers.

Ik bezocht de expositie en was na afloop compleet verslagen. Onder de subtitel: ‘Tijdelijke en transdisciplinaire academie voor meer-dan-menselijke kennis’ zag ik nooit eerder zo’n onsamenhangende uitstalling van middelbareschoolkwaliteit. O ja, in een hoekje waren nog wel enkele tekeningen van schoolgebouwen uit het HNI-archief schots en scheef opgehangen.

De bijbehorende publicatie kent een welhaast nóg hermetischer karakter dan de al ondoorgrondelijke expositie 6. De teksten hebben een hoog ‘boomknuffel’-gehalte. Vanaf de opening over de ‘ontmoeting met de stad’ door het raadplegen van Tarot-kaarten, via de ‘talen’ die ook plant en dier denkelijk spreken, tot en met de mens die immers ‘moet samenwerken met die overige soorten en intelligenties’.
De kosten van de beoordeling door de Commissie ‘Ontwerp’
Tenslotte vroeg ik me af wat nu de kosten zijn voor deze BIS-beoordelingsronde. Op mijn vraag daarover aan de Raad voor Cultuur ontdekte de voorlichter dat ze waren vergeten die vergoedingen openbaar te maken, inmiddels is die regeling op hun website te vinden 7. Per aanvraag ontvangen de leden een vast bedrag van € 40,- (plus voor het invullen van een beoordelingsformulier € 30,-). Dat laatstgenoemde formulier blijkt achteraf onjuist. Op 15 juli j.l. is de regeling daartoe aangepast, overigens zonder ook de publicatiedatum van 1 februari 2020 te wijzigen (zie onderstaande beelden).

De leden ontvangen verder per vergadering € 239,- ; de commissievoorzitter krijgt daartoe € 311,-.  Laten we aannemen dat er voor de 14 aanvragen in Commissie 3 (categorie Ontwerp) een keer of vijf is vergaderd, dan ontving elk lid dus € 1.755,- voor deze eerste adviesronde, en de voorzitter € 2.115,-.

Nu zijn de meeste leden van deze commissie zelfstandig werkzaam, dus dat is onderdeel van hun ZZP-inkomen. Ik ben wel benieuwd of en hoe dat bedrag bij voorzitter Marieke Schoenmakers is terechtgekomen; zij ontvangt immers al een jaarsalaris van € 158.000,- als directeur van de KABK (opmerkelijk in dit verband is nog dat de levenspartner van Guus Beumer, architect Herman Verkerk, als hoofd van de Afdeling Interieur aan haar managementteam binnen die KABK is verbonden).
Onkostenvergoeding Raad voor Cultuur, 14 juli
Onkostenvergoeding Raad voor Cultuur, 15 juli
Ter vergelijking: de Commissie ‘Ontwikkelfunctie’
De BIS-commissie Ontwikkelfunctie (zeven leden plus de voorzitter) ontving 69 aanvragen, waaronder die van Architectuur Lokaal. Vanwege dat grote aantal blijkt de beoordelingsronde hier een stuk kostbaarder te zijn. Waren de kosten van Commissie 3 voor het eerste advies nog beperkt tot totaal ongeveer € 12.645,-, voor de beoordeling van de ‘ontwikkelfunctie’-aanvragen ontvangen de zeven comm issieleden een basisbedrag van (69 x €40,-) = € 2.760,- , plus de vergoeding voor een tiental vergaderingen - geschat vanwege de vele aanvragen - totaal p.p. is dat € 5.150,- (voor de voorzitter totaal € 5.870,-). Die eerste adviesronde van de commissie Ontwikkelfunctie kost de belastingbetaler dus totaal ongeveer € 41.920,-. Overigens zijn er straks nog meer vergaderingen nodig, vanwege de verwerking van de reacties en de aanpassingen tot en met de definitieve vaststelling.

Architectuur Lokaal vroeg bij deze commissie een subsidie aan van € 800.000,-/jaar en is helaas afgewezen vanwege het ‘ontbrekende culturele aspect’ in de aanvraag. Terwijl Architectuur Lokaal nu al meer dan 25 jaar poogt bij onze vele politieke ambtsdragers én het publiek juist die culturele waarde van architectuur over te dragen, aan te scherpen en initiatieven daartoe veelal succesvol te begeleiden. Hadden ze hun aanvraag maar ingediend onder de noemer ‘ondersteunende instelling’ in de categorie Ontwerp, dan waren ze wellicht (en m.i. volkomen terecht) hoger ingeschat dan de aanvraag van HNI.
Resumerend over deze BIS-beoordeling van HNI
Commissie 3 heeft zich helaas niet van zijn taak gekweten. Ze lazen het nieuwe beleidsplan van Het Nieuwe Instituut (dat wij nog niet kennen), plaatsten daarbij een paar kleine opmerkingen in de kantlijn en vonden het verder goed zo. Geen enkele reflectie op eerdere beoordelingen in BIS-verband en geen evaluatie van de nauwelijks interessante prestaties in de afgelopen vier jaar. Ze merkten niet eens op dat er al jarenlang geen (zelfs geen educatief) overzicht meer te zien is uit de wereldberoemde eigen archiefcollectie van Nederlandse architectuur en architecten.

HNI had natuurlijk een poging kunnen wagen om ook die collectie (net als zijn taakgebieden) uit te breiden met een archief vol design en e-cultuur. Nee, het bleef bij een ‘tijdelijk’ modemuseum, een ‘speculatief’ designmuseum en tenslotte die ‘tijdelijke’ academie van ‘meer-dan-menselijke kennis’. Zelfs het feitelijk ‘leeglopen’ van het gebouw, door het verhuren van kantoren en het ‘open’ stellen van Gallery 3, een gehele verdieping expositieruimte, werd door Commissie 3 nog positief gewaardeerd. Het is een beschamend resultaat.
Epiloog
Ik begon dit drieluik met een interview in het tijdschrift Boekman met Guus Beumer, geschreven door filosoof Gert Staal en ik sluit er ook mee af. Staal stelt hem daar een laatste (evaluerende) vraag: ‘Hoe zou je het voornaamste veranderingsproces omschrijven?’, waarop Beumer antwoordt: “De grootste verandering die via Het Nieuwe Instituut is bewerkstelligd ligt in het feit dat we hebben aangetoond dat cultuur een fundamentele component is van innovatie. Ik denk dat we het begrip innovatie hebben geïnnoveerd. Mag ik het zo zeggen?” Van mij mag het, als het maar de laatste keer is.

Kennelijk was Beumer uiterst content met deze ghostwriter van zijn eigen prietpraat, want we komen Gert Staal later weer tegen, nu als betaald eindredacteur van het HNI-Jaarverslag 2019.

Na acht jaar is het tijd voor nieuwe artistieke leiding. Guus Beumer moet plaatsmaken voor iemand die de werkelijke potentie van de combinatie architectuur, design en e-cultuur alsnog tot wasdom brengt. Iemand als Sakia van Stein, eerder zijn enthousiaste opvolger bij Bureau Europa in Maastricht, of iemand als Timo de Rijk, denk aan diens spraakmakende project over het design van het Derde Rijk in Designmuseum Den Bosch. Of iemand als Brendan Cormier, die als curator de wereld naar Londen wist te trekken met zijn verbluffende expositie Cars in het Victoria & Albert Museum aldaar.

Zelf heb ik nimmer begrepen dat een cultureel pontificaat, dat eerder zo zichtbaar mede gebaseerd was op nepotisme én betaling aan het eigen bedrijf, ondanks alle publieke berichtgeving daarover zich ook binnen Het Nieuwe Instituut nog zo lang heeft kunnen voortslepen. Met in die acht jaren al meer dan € 53,8 miljoen subsidie en met meer dan € 1,1 miljoen salaris voor de directeur.

Het is genoeg geweest, en iemand moet de knoop doorhakken. Is het niet de Raad van Toezicht, die zelf voor twee keer vier jaar is benoemd, maar zijn directeur straks tot twaalf jaar laat doormodderen, dan toch wel de Raad voor Cultuur, die het slappe subsidieadvies van Commissie 3 snel moet afschieten. Of moeten we onze laatste hoop vestigen op het oordeel van de cultuurminister of de Tweede Kamer?

U mag het zeggen, want met dit drieluik sluit ík mijn inspanningen af.
1 Raad voor Cultuur (2012), Advies Slagen in Cultuur, culturele basisinfrastructuur 2013-2016, Den Haag, mei 2012.
2 Raad voor Cultuur (2016), Culturele Basisinfrastructuur, Advies 2017-2020, Den Haag, mei 2016.
3 Raad voor Cultuur (2020), Advies Culturele basisinfrastructuur 2021-2024, Den Haag, juni 2020
4 Cultuur en Ondernemen (2014), Governance Code Cultuur, Amsterdam, 2014.
5 Cultuur en Ondernemen (2019), Governance Code Cultuur, Amsterdam, 2019.
6 Editorial Team HNI (2019), NEUHAUS Academy for more than human knowledge, Rotterdam.
7 Raad voor Cultuur (2020), Besluit vergoedingen voor Commissieleden van de Raad voor Cultuur, 1 februari 2020.

Andere nieuwsberichten

Monolithisch en toch poreus schoolgebouw door SADAR + VUGA en LENS°ASS Architecten

1 uur geleden

Team NOAHH en Braaksma & Roos ontwerpt campus CSG Reggesteyn

2 uur geleden

Studiospacious presenteert dynamisch woonensemble in Cuijk

Vandaag, 09:52

KAAN Architecten presenteert bezoekerscentrum Amerikaanse Begraafplaats Margraten

Gisteren, 17:13

Regio Amsterdam wil 100 miljoen voor versnelde woningbouw

Vandaag, 10:19

CRa pleit voor een minister van Ruimte

Vandaag, 09:22

Museum Arnhem schuift nieuwe vleugel over stuwwal

Gisteren, 17:28

Gaasperdammertunnel volledig open voor verkeer

Gisteren, 16:00

Foto's + video: lichtfestival GLOW 2020

20 november, 4:57

'Lichtvervuiling in Nederland beter onder controle'

20 november, 9:55
Kees van der HoevenArchitect
Reynaers B.V.
Jansenbyods
Hagemeister GmbH & Co. KG
ALUCOBOND®
Tarkett BV
Wicona
Kawneer
Pittsburgh Corning Nederland B.V. (FOAMGLAS)
OCS | Office Cabling Systems
Forster
Balink Glas & Aluminium BV
Sempergreen
Aluprof Nederland BV
Intal BV
QbiQ Wall Systems
Forbo Flooring
iGuzzini
AGC Nederland Holding B.V.
Cedral
Sto Isoned bv
Triflex bv
Gorter Luiken B.V.
Foreco Dalfsen
Wienerberger B.V.
AluK Aluminium b.v.
Zoontjens
Duco Ventilation & Sun Control
IsoBouw Systems bv
ROCKWOOL B.V.
Master Builders Solutions Nederland B.V.
Van Bruchem Staircases
Rockfon (ROCKWOOL B.V.)
Gira Nederlands B.V.
Rockpanel
GEZE Benelux  B.V.
Renson
Metaglas
VELUX Nederland B.V.
Jung | Hateha B.V.
Saint-Gobain Building Glass Benelux
objectflor
Boon Edam Nederland B.V.
Forbo Eurocol Nederland B.V.
EQUITONE gevelpanelen
Plastica Groep
Holonite B.V.
OWA Benelux BV
FALK Bouwsystemen
Serge Ferrari
Alsecco
Tata Steel's Colorcoat®
Mobelli Soft Seating- True Design
Annuleren
OK
Sluiten
Doorgaan
Inloggen
Maak een gratis persoonlijk account aan