Jury maakt shortlist Prix de Rome Architectuur 2026 bekend
1 uur geleden
De genomineerden voor de Prix de Rome Architectuur 2026 zijn bekend. Dérive (Hedwig van der Linden and Kevin Westerveld), Maarten Plomp en Iris van der Wal, Namelok (Wiegert Ambagts en Kaj van Boheemen) en Slodka x Zatta (Izabela Slodka en Federica Zatta) zijn de kanshebbers voor deze editie van de vierjaarlijkse prijs. Dat meldt het het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, dat de prijsvraag in opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap organiseert.
De genomineerden voor de oudste architectuurprijs krijgen een budget om vier maanden lang te werken aan een vervolgopdracht. In deze volgende fase wordt aan de ontwerpers gevraagd om hun probleemstelling en positionering ten opzichte van het thema Terminal Velocity verder uit te werken.
Ze werken toe naar een ruimtelijke interventie voor een zelfgekozen locatie, als antwoord op een ‘acceleratie’ die de wereld sneller verandert dan we kunnen bijsturen. Op basis van de uitkomsten van de werkperiode kiest de jury op 17 december een winnaar. De winnaar ontvangt een bedrag van 60.000 euro en ondersteuning voor een internationaal residency-programma naar keuze. De resultaten zijn vanaf december te zien in het Nieuwe Instituut in Rotterdam.
De jury van deze editie bestaat uit Lesia Topolnyk (winnaar Prix de Rome 2022, architect, oprichter StudioSpaceStation), Dirk Sijmons (landschapsarchitect, medeoprichter H+N+S Landscape Architects), Nick Axel (adjunct-hoofdredacteur e-flux Architecture, hoofd Architectural Design van de Gerrit Rietveld Academie), Paul Cournet (architect, oprichter CLOUD), Inez Tan (architect, partner Office Winhov), Ekim Tan (architect, oprichter Games for Cities, directeur Play the City) en Ivo de Jeu (programmamanager Architectuur Stimuleringsfonds Creatieve Industrie, technisch voorzitter).
Naast de genomineerden heeft de jury vier inzendingen voorgedragen voor een eervolle vermelding: David Habets – The Forgetting of Air, Radical Architectural Pedagogies; Hannah Liem – Future Pillars of the Past; Rik Lambers – The Spreadsheets of Risk en Studio Method (Pedro Pantaleone and Riel Bessai) – Maasvlakte 3: Space for Civic Pleasure.
De shortlist, met omschrijving van de ontwerpen:
Namelok: Wiegert Ambagts (1992) en Kaj van Boheemen (1992)
‘Holding the Image, Losing the Ground’ adresseert een paradox in ons landschapserfgoed: het landschap dat we willen bewaren, verdwijnt juist door de inspanningen om het in stand te houden. De jury waardeert de zorgvuldigheid waarmee het voorstel is gesitueerd in de Krimpenerwaard. Het veengebied is typisch voor Nederland, maar kent uitdagingen die zich wereldwijd steeds vaker voordoen: de langzame oxidatie van het veen, het inklinken van landbouwgrond en de onmogelijkheid om zowel een levend landschap als een productieve landbouweconomie te onderhouden. Het voorstel stelt dat behoud een vorm van structureel geweld is: om het landschap in stand te houden, moeten processen voortdurend worden geïntensiveerd die de grond tegelijkertijd uitputten. Bijzondere waardering is er voor het ruimtelijke statement van keramiek, dat deze tegenstrijdigheid in het landschap weet samen te vatten in één krachtig, herkenbaar beeld.
Maarten Plomp (1992) en Iris van der Wal (1992)
‘Prefab as Found, a Factory for Architectural Reuse’ is een pleidooi voor een radicale heroverweging van adaptief hergebruik, waarbij gebouwd erfgoed wordt aangepast voor nieuwe functies. Het voorstel stelt dat de werkelijke waarde van een bestaand gebouw niet zit in de dragende structuur, maar in de componenten en hun herplaatsing. Het vertrekpunt is het voormalige ministerie van Sociale Zaken in Den Haag, ontworpen door Herman Hertzberger. Volgens de jury levert het voorstel niet alleen een waardevolle bijdrage aan het debat rond adaptief hergebruik, maar ook aan de discussie over het Nederlandse modernistische erfgoed die al jaren speelt. Het voorstel omvat ook de her-assemblage van het voormalige ministerie tot een fabriek voor architecturaal hergebruik. Deze fabriek is een ruimtelijk en programmatisch voorstel voor een nieuwe nationale industrie rondom het demonteren, catalogiseren en herplaatsen van bouwelementen uit bestaande gebouwen.
Slodka x Zatta: Izabela Slodka (1989) en Federica Zatta (1988)
‘Slow Assembly’ daagt de tijdgebondenheid van de constructiepraktijk uit en stelt voor de ‘bioregionale tijd van materialen’ als uitgangspunt te nemen — als tegenwicht tegen de politieke versnelling van de woningbouw in Nederland. Bijzondere waardering is er voor de keuze van de locatie in Breda: het voormalige terrein van de CSM Suikerfabriek, bekend als ’t Zoet. Dit is een van de 24 Nationale Versnellingslocaties die de overheid heeft aangewezen om bij te dragen aan de bouw van 100.000 woningen per jaar. Op deze plek, waar de druk om snel te bouwen groot is, wordt het pleidooi van Slodka en Zatta concreet en invoelbaar. De jury waardeert ook het concept van ‘meervoudige temporaliteiten’: het idee dat de processen rond een constructiepraktijk niet allemaal in hetzelfde tempo verlopen. Het voorstel betoogt voor een tektonische benadering die deze uiteenlopende tempo’s productief kan verbinden.
Dérive: Hedwig van der Linden (1992) en Kevin Westerveld (1990)
‘Welcome To The Black Box’ richt zich op een van de meest bepalende technologische ontwikkelingen van deze tijd. Het voorstel gaat in op de ruimtelijke gevolgen van versnelde industriële groei veroorzaakt door digitalisering. Niet om die te vieren of te veroordelen, maar door erover te speculeren. Het voorstel wijst chipfabrikant ASML aan als een van de grootste drijfveren achter Terminal Velocity in Nederland. Voortbouwend op het Latouriaanse concept van blackboxing stellen Van der Linden en Westerveld dat het productieproces van digitalisering bewust wordt verhuld. Ze zien het als een taak van de architectuur om deze blackbox te openen en te laten zien hoe het productieproces in elkaar zit, om zo meer grip te krijgen op de ruimtelijke gevolgen ervan. Het speculatieve scenario ziet de jury als een waardevol instrument om zichtbaar te maken wat er op het spel staat als de technologische versnelling doorzet.