Abonneer je nu op onze nieuwsbrieven!
Abonneren
Nee, bedankt
Ja, denk met me mee rond de
materialisering van mijn project

De Nota Ruimte volgens Bouwfonds

18 september 2003, 12:31
De Nota Ruimte volgens Bouwfonds-directeur Friso de Zeeuw: gericht schieten

Als het aan Friso de Zeeuw, directeur Nieuwe Markten van Bouwfonds Ontwikkeling, ligt, richt de Nota Ruimte zich alleen op ruimtelijke opgaven die van landsbelang zijn. `De belangrijkste ontwikkelingen zijn de internationale positie van de Randstad en de andere stedelijke regio's, de ecologische hoofdstructuur, de bereikbaarheid en ruimtelijk-economische hoofdstructuur. Laat de rest maar over aan de andere overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties.`

'Integratie, investeringen en Inspiratie, daar gaat het om. In de ruimtelijke ordening in het algemeen en de projectontwikkeling in het bijzonder werk je per definitie samen met andere partijen. Vaak met gemeenten, maar ook de rijksoverheid en de provincies komen om de hoek kijken. In zo'n samenwerkingsverband kom je alleen tot hogere kwaliteit als je elkaar weet te inspireren. En daar ontbrak het de laatste tijd aan.' Friso de Zeeuw is directeur Nieuwe Markten van Bouwfonds Ontwikkeling, de grootste woningontwikkelaar van Nederland. Hij miste tijdens het tweede paarse kabinet een professionele en doelgerichte aanpak. Jan Pronk kwam er gewoon niet uit. 'Zolang wij bezig zijn met ons dagelijks werk is het niet erg dat er geen behoorlijk rijksbeleid is. Dan is het wel gemakkelijk, het schiet lekker op, maar het leidt niet tot betere ruimtelijke ordening. Ik kan me herinneren dat tijdens de ontwikkeling van de Vierde Nota en de Vinex er serieuze debatten waren tussen markt en politiek. Men nam elkaars standpunt serieus. Bij de Vijfde Nota was dat anders. De heersende gedachte in onze kringen was: "wat moeten we hiermee", maar aangezien het niet als schadelijk werd ervaren werd er schouderophalend op gereageerd. Dat is dodelijk. Voor tachtig procent van ons werk heb je helemaal geen nota nodig. Maar die overige twintig procent bepalen de ruimtelijke kwaliteit.'

Decentrale benadering
De decentrale benadering van ruimtelijke ordening, die al werd vastgelegd in de Stellingnamebrief van het kabinet Balkenende-I, wordt in het nieuwe kabinet voortgezet. De Zeeuw is daar over te spreken. 'De Vijfde Nota was toch een vorm van beleidsdiarree. Het concept van het stedelijke netwerk dat daarin werd neergezet paste keurig in het rijtje eerder gelanceerde concepten met een korte houdbaarheidsdatum: het stadsgewest, de compacte stad, en de netwerkstad. De Stellingnamebrief had een nuchtere toonzetting. Enerzijds was dat erg prettig na de hoogdravendheid van de Vijfde Nota. Anderzijds rees echter ook de vraag of het rijk überhaupt nog visie op ruimtelijke ordening heeft. Want visie heb je wel nodig. Ik hoop dat dit kabinet nu eens in staat zal zijn de verbinding te leggen tussen Ruimtelijke Ordening, Verkeer en Waterstaat, LNV en Economische Zaken met een programma voor ruimtelijke investeringen. Het is en blijft een kwestie van politieke wil. Op dit moment is het zo dat ze elk hun eigen signaal aan de buitenwacht met verkokering als gevolg. Misschien is dat wel een probleem van alle tijden, maar dat is geen reden om het niet aan te pakken.'
De insteek van de komende nota bevalt hem. Een decentrale benadering van het ruimtelijk beleid is beter dan een rijksoverheid die alles zegt te regelen, zonder daar consequenties aan te verbinden. 'Beleid wordt pas goed beleid als duidelijk is hoe het moet worden uitgevoerd. Het groeikernenbeleid was daarom goed beleid, het was in de praktijk goed uit te voeren. Het ging gepaard met investeringen en een uitvoeringsorganisatie. Terwijl het beleid rond het Groene Hart slecht beleid is, met het bekende resultaat als gevolg.' 'Gericht Schieten' zou dan ook het leidmotief zijn, als De Zeeuw zou mogen bepalen hoe de Nota Ruimte werd ingevuld. 'De rijksoverheid moet zich alleen bezighouden met problemen die het nationaal belang evident raken. Dat zijn er niet zo heel veel, maar ze zijn ingewikkeld genoeg. De belangrijkste drie ontwikkelingen zijn de positie van de Randstad en de andere regio's, de Ecologische hoofdstructuur, de bereikbaarheid en de ruimtelijk-economische hoofdstructuur. Laat de rest maar over aan de andere overheden, marktpartijen en maatschappelijke organisaties. Als het gaat over de Randstad gaat het wel over het landsbelang. 'De concurrentiepositie van Nederland staat onder druk. Die is de laatste jaren verzwakt te opzichte van agglomeraties in de omliggende landen. We hebben een relatief zwakke infrastructuur en te weinig woningen, terwijl de groene kwaliteit achter uit gaat omdat onrendabele delen van de landbouw de hand boven het hoofd wordt gehouden.

Een ander belangrijk onderdeel van de Nota Ruimte volgens De Zeeuw, is de visie op groen en blauw. Hij bepleit onderscheid in drie soorten gebieden. Ten eerste gebieden die niet worden beschermd, veelal doorsnee landbouwgebieden die deel uitmaken van de regionale ruimtelijke afweging en die ook voor bebouwing in aanmerking kunnen komen. Daarnaast gebieden waar alleen op een manier mag worden gebouwd waarin rode investeringen ook bijdragen aan groene en blauwe kwaliteit en tenslotte donkergroene gebieden waarin bebouwing nagenoeg is uitgesloten. 'Als je een gebied als natuurreservaat aanwijst, moet je daar vervolgens ook actief mee aan de slag. Dat gaat verder dan het bestemmingsplan, de overheid of natuurinstanties moeten die gebieden ook aankopen zodat die functie voor de lange termijn is gewaarborgd. Want alleen een groene kleur op de bestemmingsplankaart of 'boerennatuur' biedt die waarborg niet, zo laat de praktijk zien.

Een derde ruimtelijk beleidsterrein waar de rijksoverheid zich mee moet bezighouden is de bereikbaarheid. De samenwerking tussen VROM en V&W behoort zich niet te beperken tot papieren afspraken. 'Rond de vinexwijken was alles goed afgesproken en stond het in mooie nota's, maar in de praktijk kwam er te weinig van terecht. De infrastructuur bleef achter bij de ontwikkeling van de wijk.' Bij nieuwe verstedelijkingsplannen wordt het de kunst de bestaande infra beter te benutten. Het vierde thema is ruimtelijk-economische hoofdstructuur van ons land. Dat heeft te maken met de mainports en de grootstedelijke regio's waarover we al eerder spraken.

Volkshuisvesting
Daarmee zijn de hoofdthema's voor de Nota Ruimte geschetst. Op het eerste gezicht een veel dunner boekje dan de Vijfde Nota. 'Dat was dan ook een schoolvoorbeeld van beleidsdiaree, het waren hoogdravende concepten die nauwelijks aansloten bij de werkelijkheid en die een korte houdbaarheidsdatum hadden. Als ik stel dat er gericht moet worden geschoten, dan zijn er ook doelen waar je heel bewust níet op schiet. Dat laat je door provincie of gemeenten doen. Het kabinet gaat op een onderdeel zelf de mist in. Dat gaat om de richtlijn dat alle landelijke gemeenten in elk geval voor 'de eigen bevolking' mogen bouwen. Dat gaat uit van zeer locale woningmarkten, dan maak je er allemaal Asterix-dorpen van. Het zal een zware opgave worden om op deze locaties alleen in de goedkope sfeer voor de eigen bevolking te kunnen bouwen. Bovendien krijg je discussie over de vraag wat de 'eigen woningbehoefte' is. Creatieve wethouders weten nog een eskimo in die categorie te praten. Nu die vertraging oploopt, wil de politieke arena dat de minister stappen onderneemt. Maar dat is nou iets waar de rijksoverheid zich niet intensief mee moet bemoeien.' Juist op het gebied van volkshuisvestingbeleid, kan in de ogen van De Zeeuw meer verantwoordelijkheid bij de andere overheden en de markt worden gelegd. Slechts in een aantal bijzondere gevallen speelt de rijksoverheid een rol. 'Het rijk heeft bijvoorbeeld een taak in het terugdringen van de verkokering. De ruimtelijke ordening is overgereguleerd en bovendien spreken sommige regels elkaar tegen. In Neprom-verband doen wij concrete weloverwogen voorstellen hoe we het aantal regels kunnen terugdringen. Daarbij is haast geboden, want uit Brussel komen weer nieuwe regels op ons af.' Een andere taak van de rijksoverheid ligt bij de herontwikkeling van binnenstedelijke gebieden en de revitalisatie van de naoorlogse wijken. 'Die is van groot belang en financieel gezien kunnen gemeenten dat niet alleen verhapstukken. Daar moet de rijksoverheid dus bijspringen, maar zonder het beleid te bepalen. Het beleid wordt ter plaatse gemaakt. De rijksoverheid heeft de taak om na te gaan, via een audit, of het geld wel goed wordt besteed.' Wel kan je de besteding van het geld aan een tijdslimiet binden want dat zal het tempo bij de gemeenten verhogen.

Anderen, zoals professor Hugo Priemus, menen dat de vertraging van de productie zijn oorzaak vindt in een tekort aan bouwlocaties. De rijksoverheid zou die moeten aanwijzen. 'Die analyse is onjuist. Onze praktijk wijst uit dat de grote vertraging zit in het traject tussen planologische aanwijzing van de locatie tot de start van de daadwerkelijke bouw. Dáár zitten de knelpunten.' Nog verder gaan ideeën in de politieke arena om een overmaat aan locaties aan te wijzen, opdat een concurrentie tussen locaties ontstaat zodat gemeenten hun grondprijzen laten zakken en ontwikkelaars genoegen nemen met kleinere marges. De Zeeuw: 'Deze strategie steunt op misverstanden hoe de markt en de ruimtelijke planning werken, het zal alleen maar leiden tot versnippering van ruimte, investeringspotentieel en de schaarse expertise. Het zal geen woning extra opleveren. Ik vind dat wij als Bouwfonds laten zien dat wij ook in de huidige marktomstandigheden de woningbouwproductie kunnen verhogen zonder extra rijksbeleid en subsidies. Bouwfonds heeft de bakens tijdig verzet. De inzet op de bouw op meer betaalbare woningen (van € 85.000,-- toe € 200.000,--) speelt daarin een sleutelrol. Als het 2e halfjaar zo loopt als de eerste helft, dan produceren wij dit jaar meer woningen dan ooit tevoren. Crisis in de woningmarkt? Vertraging in de bouwproductie? Bij ons dus niet. We menen dat zonder veel extra rijksbeleid een jaarproductie mogelijk is van 80.000 woningen in plaats van de 60.000 waar Nederland nu op afstevent.

Auteur: Friso de Zeeuw, directeur Nieuwe Markten bij Bouwfonds Ontwikkeling (17 september 2003).

Bron: bron : bouwfonds

Andere nieuwsberichten

Frederik Pöll transformeert pakhuis tot museum en woningen

Gisteren, 15:07

Journalistiek werk Rem Koolhaas centraal in nieuw boek

Gisteren, 13:30

Powerhouse Company onderzoekt toekomst Grünwalder Stadion in München

Gisteren, 11:50

West 8 ontwerpt drijvend park aan zuidkant Rotterdamse Rijnhaven

Gisteren, 09:42

Minister snapt frustratie Groningers na fouten bij versterking

Gisteren, 14:48

Meerderheid senaat positief tegenover regiewet woningbouw

Gisteren, 10:27

Nominaties Rietveldprijs en Truus Schröderprijs 2026 bekend

23 juni, 12:06

Onderzoek: Nederlandse tuinen voor bijna helft versteend

23 juni, 10:34

Meer woningen geïsoleerd, maar doel 2,5 miljoen blijft uit zicht

22 juni, 12:28

Bestuurders en bedrijven bezorgd om minder geld infrastructuur

22 juni, 9:37
KUBUS | Specialist in Archicad
SAPA
Reynaers Aluminium Nederland
Jansen
SAB-profiel bv
Aliplast Aluminium Systems
Kingspan Light & Air
ALUCOBOND®
Caparol
Tarkett BV
Novastruct (voorheen Kawneer)
Grohe Nederland B.V.
Malaysian Timber Council
OCS | Office Cabling Systems
Swisspearl Nederland
Forster Nederland N.V.
Sempergreen
Houthandel van Dam
Aluprof Nederland BV
QbiQ Wall Systems
Forbo Flooring
Schüco Nederland
Amtico
Cedral
Sto Isoned bv
Triflex bv
Gorter Luiken BV
wienerberger
DUCO Ventilation & Sun Control
BEWI IsoBouw
ROCKWOOL B.V.
Mview+
Rockfon (ROCKWOOL B.V.)
Gira Nederland B.V.
Kingspan Geïsoleerde Panelen
GEZE Benelux  B.V.
Renson
Metaglas Groep
ABB | Busch-Jaeger
Jung | Hateha B.V.
Knauf B.V.
Saint-Gobain Glass Benelux
Faay Vianen B.V.
objectflor
Boon Edam Nederland B.V.
Hunter Douglas Architectural
VOLA Nederland BV
Forbo Eurocol Nederland B.V.
EQUITONE gevelpanelen
Holonite B.V.
Kronospan
Tata Steel Colorcoat®
Architectenweb
Over ons
Contact

© 2002 - 2026 Architectenweb BV / Voorwaarden / Privacy / Disclaimer / Sitemap
Annuleren
OK
Sluiten
Doorgaan
Inloggen
Maak een gratis persoonlijk account aan